Bouwen met Staal | Veelzijdig, flexibel, duurzaam Bouwen met Staal

Nieuws

« terug naar Kosten
Nieuws

De ontwikkeling van de materiaalprijzen van staal en andere metalen kunt u volgen op CBS StatLine.

 

StatLine geeft maandelijks de indexcijfers per groep halffabrikaten, zoals warmgewalste platte producten, koudgewalste platte producten en H-, I- en U-profielen met lijfhoogten van 80 mm.

 

Tweede kwartaal 2014: algehele omzetdaling in de bouw

19 augustus 2014

In vrijwel alle sectoren van de bouw is de omzet in het tweede kwartaal van dit jaar met gemiddeld 2,4% gedaald ten opzichte van het tweede kwartaal vorig jaar. Alleen de kleinere bouw(gerelateerde) bedrijven halen een hogere omzet. Dat blijkt uit de laatste kwartaalcijfers van Centraal Bureau voor de Statistiek. De omzetafname vindt plaats in zowel de woning- en utiliteitsbouw als de grond-, weg- en waterbouw en de gespecialiseerde bouw.

Vooral het midden- en grootbedrijf draaien minder goed. Zo komt de omzet van het middenbedrijf in de woning- en utiliteitsbouw 3,7% lager uit dan in het tweede kwartaal 2013. De omzet is zelfs 59% van het omzetniveau in het tweede kwartaal van het topjaar 2008. Het kleinbedrijf – waartoe veel zzp’ers behoren – ziet de omzet juist toenemen, onder meer dankzij het verlaagde btw-tarief op arbeidskosten dat dit jaar nog geldt voor herstel en verbouw van woningen. De kleine afwerkingsbedrijven profiteren waarschijnlijk het meest van deze maatregel. De omzetten van deze bedrijven groeien met minimaal 3,4%. In de woning- en utiliteitsbouw wordt zelfs een plus van 6,6% geboekt.

De algehele omzetdaling in de bouw is fors, maar niet geheel onverwacht. In 2013 werden weinig woningen verkocht. Bovendien bereikten begin 2013 de bouwsommen van nieuwe opdrachten van architecten een dieptepunt. Deze opdrachten staan aan het begin van de bouwcyclus en vormen een belangrijke indicator voor toekomstige bouwactiviteiten. De totale waarde van bouwvergunningen bereikte in de tweede helft van 2013 het laagste niveau sinds jaren. Deze ontwikkelingen zijn uitgemond in aanhoudend krimpende orderportefeuilles van bouwbedrijven. De effecten hiervan zijn in het tweede kwartaal 2014 extra zichtbaar, omdat de bouw in het eerste kwartaal 2014 als gevolg van het zachte winterweer nauwelijks stil heeft gelegen.

De prognoses voor de nabije toekomst zijn licht positief. De bouwsommen van nieuwe architectenopdrachten stijgen sinds het najaar 2013. De waarde van verleende bouwvergunningen neemt eveneens toe én de huizenverkoop trekt in het eerste helft van dit jaar aan. Weliswaar zijn ondernemers in de bouw in het tweede kwartaal 2014 niet positief over hun orderpositie, de orderpositie van de bouw neemt na het dieptepunt in het eerste kwartaal van 2014 wel toe.

  • Foto: bouw hoofdkantoor 3M Nederland, Delft (Cepezed Projects/Cordeel, foto: Leon van Woerkom).

 

Tweede dinsdag van september: dag van NEN 2699

25 juli 2014

Is de derde dinsdag van september traditiegetrouw gereserveerd voor de Miljoenennota, de tweede dinsdag van september is dit jaar voorbehouden aan het NEN-symposium NEN 2699. Deze nieuwe norm biedt de indeling van investerings- en exploitatiekosten van onroerende zaken en hun onderlinge relatie.

De norm is vooral voer voor kostendeskundigen bij onder meer bouwadviesbureaus, woningcorporaties en overheden. Met het symposium wil het NEN, samen met belanghebbende partners zoals NVBK, de gebruikers nader kennis laten maken met de opbouw en inhoud van de norm en de bijbehorende Excel-tool, de werking en de toepassingsmogelijkheden.

Die opties worden geïllustreerd aan de hand van cases uit de bouwkostenpraktijk, zoals de inzet van NEN 2699 voor life cycle costing (LCC) van woningrenovatie en het gebruik van de norm door het Rijksvastgoedbedrijf binnen haar huisvestingsprojecten. Het Rijksvastgoedbedrijf en steeds meer andere overheidsdiensten zijn verplicht om de NEN 2699 toe te passen bij aanbestedingen. Naast de investerings- en exploitatiekosten zijn in NEN 2699 ook de life cycle costs van een onroerende zaak meegenomen. Onder ‘onroerende zaak’ wordt verstaan: een gebied of bouwwerk met bouwwerkgebonden terrein. Boten en stacaravans vallen buiten het werkingsgebied van de norm. De norm is óók te gebruiken in situaties waarin niet alle kostensoorten aan de orde zijn, bijvoorbeeld als grond- of inrichtingskosten geen rol spelen.

  • Het NEN 2699-symposium vindt plaats op 9 september in Oegstgeest (aanvang 13:00 uur). Het programma en de inschrijfoptie vindt u op www.nen.nl/symposiumnen2699. Deelname kosten € 200 p.p., exclusief btw, maar inclusief norm. U kunt de norm ook los bestellen in de NEN-Shop.

 

ArcelorMittal ziet Europese staalmarkt aantrekken

20 mei 2014

ArcelorMittal verwacht dat de vraag naar staal in Europa dit jaar sterker aantrekt dan eerder gedacht. Wel zorgt de crisis in Oekraïne voor een krimp in Rusland en de staten van de voormalige Sovjet-Unie, meldt het concern bij presentatie van de eerste-kwartaalcijfers. ArcelorMittal ziet de vraag naar staal in Europa dit jaar met 2–3% groeien. Eerder werd gerekend op een toename met maximaal 2,5%. Door de crisis in Oekraïne gaat de vraag in de voormalige Sovjet-staten waarschijnlijk 2% omlaag. Hier werd eerder nog uitgegaan van een kleine stijging. In de Verenigde Staten is dit jaar naar verwachting 3,5 tot 4,5% meer staal nodig dan in 2013.

De prognose voor de wereldwijde groei van de staalvraag werd met een half procent verlaagd naar tussen 3 en 3,5 procent. Arcelor voorziet namelijk een minder sterke groei in China (3 tot 4 procent), waar de huizenbouw afzwakt.
‘De vooruitzichten op groei in onze kernmarkten in Europa en de VS zijn bemoedigend’, stelt bestuursvoorzitter Lakshmi Mittal in een toelichting op de resultaten van het afgelopen kwartaal. Volgens hem wijzen ze op het herstel van de staalmarkten, terwijl ook eerder doorgevoerde bezuinigingen hun vruchten afwerpen.

Arcelor boekte vorig kwartaal een omzet van 19,8 miljard dollar (14,3 miljard euro). Hiermee komen de opbrengsten een fractie hoger uit dan in de eerste 3 maanden van 2013. Het bedrijfsresultaat is gestegen met 12%, tot 1,75 miljard dollar. Onder de streep resteert een nettoverlies van 205 miljoen dollar, tegen 345 miljoen dollar een jaar eerder en 1,2 miljard dollar in het vierde kwartaal 2013. ArcelorMittal houdt vast aan de verwachting dat het bedrijfsresultaat dit jaar verbetert tot circa 8 miljard dollar, tegen bijna 7 miljard dollar vorig jaar. Daarbij rekent het concern erop dat de leveringen van staal in 2014 met ongeveer 3% toenemen. Verder gaat Arcelor ervan uit dat de rentelasten uitkomen op ongeveer 1,6 miljard dollar en de investeringen tussen 3,8 en 4 miljard dollar bedragen.

De prognose van Arcelor is gebaseerd op de aanname dat ijzererts 120 dollar per ton kost. Die prijs ligt nu echter op ongeveer 100 dollar, waardoor het volgens analisten wel de vraag blijft of het staalconcern aan zijn eigen verwachting kan voldoen. De nettoschuld van ArcelorMittal liep vorig kwartaal met 2,4 miljard dollar op tot 18,5 miljard dollar. Op middellange termijn wil het bedrijf die last terugdringen tot 15 miljard dollar.

• bron: ANP.

 

Wereldwijde staalproductie stijgt 2,6%

19 juli 2013

Per eind mei 2013 is wereldwijd 2,6% meer staal geproduceerd dan per eind mei van vorig jaar. Dat meldt de World Steel Association in haar rapportage over het eerste halfjaar 2013. De stijging van 2,6% brengt de totale staalproductie in de wereld op 136 miljoen ton.

In Europa blijkt de totale staalproductie verminderd met 4,7%. Verreweg de meeste landen zien hun staalproductie dalen, waaronder de ‘top 3’ Duitsland (–1,5%), Frankrijk (–3,5%) en Italië (–11%). Nederland boekt wél een forse winst: 24,8%. De Russische productie gaat licht omhoog met 0,2% tot 6,1 miljoen ton. In de Verenigde Staten, daarentegen, loopt de productie met 5% terug tot 7,5 miljoen ton.

China heeft zijn positie als ‘s werelds grootste staalfabrikant geconsolideerd met een productietoename van 7,3%. In totaal vervaardigt het land nu 67 miljoen ton staal per jaar. Japan toont zich de runner up: de productie groeit met 4,3% en komt uit op 9,6 miljoen ton.

De cijfers van de World Steel Association zijn afkomstig van zo’n 170 staalproducenten, waaronder 17 van de 20 grootste. Zij zijn verantwoordelijk voor minimaal 85% van de totale productie van staal in de wereld. Bij al deze ondernemingen gezamenlijk ligt de bezettingsgraad per eind mei 2013 op 79,6%. Dit percentage is nagenoeg gelijk aan dat van mei 2012. In het tussenliggende jaar vertoonde de bezettingsgraad aanvankelijk een sterke daling, tot het uiteindelijke dieptepunt van 73,2% in december 2012. Daarna zette de opleving in.

www.worldsteel.org

 

Nieuw tool voor berekenen bouw- én milieukosten

5 februari 2013

Net als de MRPI Freetool Milieuprestatie Gebouwen en GPR Gebouw en GPR Bouwbesluit is nu ook EcoQuaestor goedgekeurd door de Stichting Bouwkwaliteit (SBK) als valide instrument voor het berekenen van de materiaalgebonden milieuprestatie van gebouwen en GWW-werken. Daarmee is EcoQuaestor het vierde programma waarmee een milieuprestatieberekening volgens het nieuwe Bouwbesluit mag worden gemaakt.

Wezenlijk verschil met de andere drie tools is dat EcoQuaestor de berekening van de milieulasten '1-op-1' koppelt aan de elementenbegroting. Hierdoor krijgen opdrachtgevers, ontwerpers en kostenadviseurs al bij de programmering of het schetsontwerp een beeld van te verwachten bouwkosten én milieukosten. Bovendien is op elk moment duidelijk wat het effect is op de milieukosten als bijvoorbeeld materiaal- of productkeuzes wijzigen.

Een vereenvoudigde versie van EcoQuaestor is als Excel-programma gratis te downloaden van www.bouwprojecteconomie.nl. Met deze versie is op basis van een beperkt aantal gegevens al een milieuprestatieberekening te maken. Het volledige model verblijft bij de samenstellers: een collectief van twaalf onafhankelijke bouwkostenadviesbureaus, allen aangesloten bij de NVBK (Nederlandse Vereniging van Bouwkostendeskundigen).

EcoQuaestor drukt het resultaat van de milieuprestatieberekening – conform de SBK-bepalingsmethode – uit in een schaduwprijs. Daarnaast kan het programma de uitkomsten ook weergeven in Eco-kosten, ReCiPe, Carbon-footprint, CED (Cumulative Energy Demand) en de Ecokosten/Waarde Ratio. De verschillende milieuindicatoren worden hier toegelicht.

www.bouwprojecteconomie.nl

 

Staalskeletbouw standvastig in prijs

13 december 2012

De gemiddelde ruwbouwkosten van stalen draagconstructies voor kantoorgebouwen maken nog altijd pas op de plaats. Dat blijkt uit de indexcijfers van Bouwen met Staal per 1 oktober 2012. Sinds januari van dit jaar zijn de gemiddelde prijzen met slechts 2 punten gestegen. Vergeleken met het tweede kwartaal is de gemiddelde prijsstelling in het derde kwartaal 2012 zelfs ongewijzigd gebleven.

Zowel de prijzen van de halffabrikaten (de 'materiaalprijzen') als de kosten van fabricage en montage en de kosten van een brandwerende coating hebben – gemiddeld genomen – niet of nauwelijks veranderingen ondergaan. Wel is voor het vierde kwartaal een lichte daling in fabricage- en montageprijzen te verwachten, als steeds meer staalbouwbedrijven – als gevolg van inkrimping van het bouwvolume – onder de gangbare prijs gaan werken. Daartegenover staat mogelijk een geringe stijging van de materiaalprijzen. Enkele grote staalproducenten, waaronder Salzgitter Peiner Träger en Arcelor Mittal, hebben aangekondigd hun prijzen van balkstaal te verhogen. Voornaamste redenen zijn de gestegen inkoopkosten van schroot en de toegenomen walsproductiekosten. Verhogingen van zo'n € 90 Euro per ton doen de ronde, maar de verwachting is dat de uiteindelijke stijgingen zo'n € 30 per ton gaan bedragen. Waarschijnlijk zullen de staalhandelsbedrijven zo'n stijging meestal slechts gedeeltelijk doorberekenen aan de staalconstructiebedrijven.

Bouwen met Staal heeft de indexcijfers ontleend aan de kostenkengetallen. De grafieken hieronder kunt u hier in één PDF downloaden.

 

Optimisme over mondiale staalproductie en -consumptie, Europa blijft zorgenkind

9 oktober 2012

Ondanks de mondiale crisis ziet de toekomst voor de wereldwijde afzet van staal er gunstig uit, zo blijkt uit de becijferingen van de World Steel Association (WSA) per augustus 2012. Over de eerste helft van dit jaar komt de staalproductie in de wereld uit op 767 miljoen ton, 1% meer dan in de tweede helft van 2011. Verantwoordelijk voor de toenemende mondiale vraag naar staal zijn vooral de economische groeilanden, zoals Brazilië. Maar ook in de VS is de vraag naar staal, metname vanuit de autoindustrie, toegenomen en daartoe de staalproductie flink opgevoerd. China neemt nog steeds bijna de helft van het staalverbruik en de staalproductie in de wereld voor haar rekening. In de maand juni, bijvoorbeeld, werd van de in totaal 128 miljoen staal zo'n 60 miljoen geproduceerd door de Chinezen. Wel constateert de WSA een lichte afname van de vraag in China als gevolg van de afzwakkende economie aldaar. 'Gelet op het grote aandeel van China zal dat zeker consequenties hebben voor de totale wereldwijde vraag. Op korte termijn kunnen we een zekere overproductie en voorraadoverschot verwachten waardoor de druk op de staalmarkt toeneemt', aldus Edwin Basson, directeur-generaal van de WSA. 'Maar voor 2013 en volgende jaren voorzien we toch een gezonde groei van de vraag naar staal, aangezwengeld door de groeilanden in combinatie met de materiaalbehoefte voor infrastructuur en woningen in de ontwikkelingslanden.'

Voor de situatie in Europa verwijst de WSA naar de European Steel Association Eurofer. In Europa blijkt het staalverbruik over het eerste halfjaar 2012 met 9% te zijn gedaald ten opzichte van 2011. 'Eind dit jaar zal het verbruik weer op het niveau van vorig jaar liggen', verwacht de directeur-generaal van Eurofer, Gordon Moffat. 'Voor 2013 ligt een bescheiden toename van de staalvraag in het verschiet. Maar het vertrouwen van bedrijven en consumenten in de economie alsook de kredietfaciliteiten moeten verbeteren om de markt in Europa echt op gang te brengen.'

Over de effecten op de materiaalprijzen hullen zowel WSA als Eurofer zich in stilzwijgen. Het Britse staalbureau MEPS spreekt zich wel uit: 'In 25 van de 28 landen die wij volgen, zijn de staalprijzen in juni, juli en augustus van dit jaar gedaald als gevolg van grote voorraden en dalende grondstoffenprijzen. De lage prijs van bijvoorbeeld ijzererts kan er volgens MEPS toe leiden dat staalproducenten hun grondstoffenvoorraden gaan aanvullen, waardoor uiteindelijk de staalprijsdaling weer kan omslaan in een stijging. In Nederland zijn de prijzen van de meeste (warmgewalste) stalen halffabrikaten voor de bouw in het afgelopen half jaar licht gestegen, als compensatie voor gelijkblijvende productiekosten bij een dalende vraag. De daadwerkelijke transactieprijzen vielen echter vaak lager uit. Een significante prijsstijging is – zowel in ons land als in geheel Europa – onwaarschijnlijk, zolang de staalproductie niet afneemt óf de staalvraag niet toeneemt.

• bronnen: WSA, Eurofer en Staalnieuws

Staalprijzen vrijwel ongewijzigd

4 september 2012

Bouwen met Staal heeft de gemiddelde prijzen van staal en staalconstructies voor utiliteitsbouw-nieuwbouw per 1 juli 2012 in kaart gebracht. Aan het begin van het derde kwartaal blijken de prijzen nauwelijks gestegen ten opzichte van 1 april of 1 januari dit jaar.

Nog het meest toegenomen, is de 'materiaalprijs': de prijs die de aannemer of staalbouwer betaalt aan de staalhandelaar voor stalen halffabrikaten, zoals balken, strip, staf, buizen en kokers. De gemiddelde prijs ligt nu 2 punten hoger dan op 1 januari 2012.

Deze prijsstijging vindt zijn oorsprong in de groeiende kosten van de staalproductie, als gevolg van duurdere grondstoffen (ijzererts en kolen) en energie. Staalproducenten zagen zich hierdoor genoodzaakt de prijzen voor verkoop aan staalhandelsondernemingen licht te verhogen. Voor de meeste staalhandelaren waren de hogere inkoopprijzen, in combinatie met gestegen kosten van bewerking en transport én de aanhoudende afname van de vraag, aanleiding om hun bruto prijzen aan te passen. Van enkele halffabrikaten gingen de prijzen iets omhoog. Zo werd balkstaal het afgelopen halfjaar zo'n 20–35 Euro per ton duurder. De prijzen van buizen en kokers, daarentegen, bleven vrijwel gelijk.

De stijging van de materiaalprijs (toch al marginaal) heeft vrijwel geen effect op de kosten van een complete staalconstructie. De gemiddelde staalconstructieprijs valt slechts 1 punt duurder uit dan in april of januari 2012.

De oorzaak is tweeledig: de materiaalkosten hebben een relatief beperkt aandeel in de totale kosten van de staalconstructie (zo'n 30 tot 40%). De grootste kostenposten zijn de fabricage en montage en deze kosten zijn nagenoeg gelijk gebleven of zelfs iets omlaag gegaan. Staalconstructiebedrijven hanteren hun 'oude' prijsniveaus of komen met scherpe aanbiedingen om in een crisistijd van afnemende aanbestedingen en de daarmee verhevigde onderlinge concurrentie tóch de gewenste omzetten te draaien.

De materiaalkosten zijn de optelling van de kosten van staalproductie, eventuele bewerking en levering (incl. transport) van stalen halffabrikaten door de staalhandelaar aan het staalconstructiebedrijf.

De kosten van de staalconstructie zijn de materiaalkosten plus de kosten, berekend door de staalbouwer, voor fabricage, conservering, montage/assemblage en een eventuele brandwerende coating (inclusief transport naar de bouwplaats).

De kosten van de draagconstructie bestaan uit de kosten van staalconstructie en die van een betonnen stabiliteitskern en prefab-betonnen vloeren. Ook dit betongedeelte is de optelling van de kosten van materiaal, productie en uitvoering. Deze kosten bleven eveneens stabiel.

World steel association: 'wereldwijd staalgebruik groeit dit jaar met 3,6%'

31 mei 2012

De World Steel Association (WSA) verwacht dat het staalverbruik in de wereld dit jaar groeit met 3,6% ten opzichte van vorig jaar. Volgend jaar kan de groei zelfs toenemen tot 4,5%. Over het verbruik in Europa is de WSA somber gestemd: een daling van 1,2% in 2012.

In 2011 liet het staalverbruik wereldwijd een grotere toename van 5,6% zien. Dat is volgens de WSA vooral te danken aan het herstel van de vraag in de eerste helft van dat jaar. In de tweede helft zakte de vraag in, mede als gevolg van gebeurtenissen als de aardbeving in Japan en politieke onrust in het Midden-Oosten en Noord-Afrika. Meer blijvende schade lijkt de schuldencrisis in Europa aan te richten. Toch is Hans-Juergen Kerkhoff van de economische commissie binnen de WSA optimistisch voor het lopende jaar: 'We zien tekenen van stabilisering en verwachten dat het herstel in de tweede helft van 2012 terugkeert, waardoor we een nog hogere groei voor 2013 voorspellen. Die hogere groei kan echter alsnog tegenvallen door bijvoorbeeld de hoge olieprijzen, de voortdurende crisis in Europa en de afzwakkende groei in China.'

Staalprijzen gestegen, schrootprijzen stabiel

13 april 2012

Hogere inkoopprijzen, toegenomen bewerkings- en transportkosten én een afnemende vraag naar staal zijn deze maand voor een fors aantal staalhandelsbedrijven aanleiding om de (bruto)prijzen van stalen halffabrikaten te verhogen. Balkstaal, stripstaal en stafstaal zijn tot zo'n 35 Euro per ton duurder geworden. Een ton koudgewalste profielen gaat ongeveer 20 Euro meer kosten. De hogere prijsstellingen volgen op eerdere verhogingen per 1 januari 2012, van zo'n 30 Euro per ton balk-, staf-, en stripstaal. De prijzen van stalen buizen en kokers zullen naar verwachting een kleine stijging ondergaan, onder meer onder invloed van duurdere coils. De prijzen per groep halffabrikaten en de prijsontwikkeling in de tijd van veelgebruikte typen zijn te vinden op www.staalprijzen.nl/prijsstatistieken

De prijzen voor schroot hebben in het eerste kwartaal 2012 weinig veranderingen ondergaan. Gebruikt balkstaal en plaatstaal zijn op dit moment zo'n 0,25 Eurocent per kg. waard. Oud ijzer komt op 0,20 Eurocent per kg. De prijzen van oud staal en andere metalen worden wekelijks geactualiseerd op www.staalprijzen.nl/schrootprijzen

www.staalprijzen.nl/prijsstatistieken

www.staalprijzen.nl/schrootprijzen

Verhoging staalprijzen op komst

17 januari 2012

Diverse producenten en handelaren van staal in Europa hebben prijsverhogingen aangekondigd. De fabrikanten verhogen hun verkoopprijzen vooral vanwege duurdere grondstoffen en energie. De staalhandel merkt deze verhogingen bij inkoop en wil ze doorberekenen in de bruto-verkoopprijzen van de halffabrikaten. Voor bijvoorbeeld balken, staf en strip zal naar verwachting gemiddeld zo'n 20 tot 30 Euro méér moeten worden neergeteld.

De staalfabrieken hebben de laatste jaren niet alleen te kampen met stijgende kosten van ijzererts, schroot en energie voor het productieproces. Ook de vraag naar staal 'af fabriek' loopt terug. Mondiaal wordt de vraag naar staal vooral bepaald door Azië, met China als de grootste afnemer. In dit werelddeel neemt de economische groei echter af, waardoor eveneens de staalconsumptie daalt.

Eind november vorig jaar constateerde World Steel Association al een flinke afzwakking van de staalproductiegroei, wereldwijd. De capaciteitsbenutting in de staalfabrieken lag in die maand op 73,4%, het laagste niveau in twee jaar tijd en een duidelijk signaal van een afnemende vraag naar staal. Die teruggang was in 2011 voor staalhandelaren reden om de voorraden te beperken. Een tweede motief hiervoor was de afwaarderingen die de handelsbedrijven in de beginperiode van de crisis moesten doorvoeren.

• De actuele bruto prijzen van de verschillende groepen halffabrikaten (balken, staf, strip, plaat, koker, buis, platrail en koudgevormd) vindt u op www.staalprijzen.nl

Eurofer optimistisch over staalmarkt in 2012

12 december 2011

Ondanks de internationale crisis en stagnatie van economische groei neemt het staalverbruik in Europa volgend jaar wél toe, aldus The European Steel Association Eurofer. De koepel voor de ijzer- en staalindustrie verwacht dat de staalafzet met 5,9% toeneemt ten opzichte van 2010. De stijging is vooral terug te voeren op de sterke opleving van de vraag in de eerste maanden van 2011. In het tweede kwartaal zijn de staalverbruikende sectoren minder actief geworden en daarmee is ook de vraag naar staal afgevlakt. Bovendien hebben veel verbruikers momenteel voldoende staal in voorraad om voor enige tijd in de eigen behoefte te voorzien. Voor volgend jaar verwacht de organisatie in Brussel een meer bescheiden toename van 2,6%.

In 2012 zullen alle belangrijke staalverbruikende sectoren een groei doormaken, voorspelt Eurofer, maar wel in een langzamer tempo dan in 2011. De autofabrikanten, bijvoorbeeld, boekten dit jaar nog 10% groei, voor volgend jaar ligt slechts 2% in het verschiet. In de sector 'mechnical engineering' loopt de groei terug van 9,2% dit jaar naar 3,4% volgend jaar. De sector 'structural steelwork' komt naar verwachting uit op 2,1%, tegen 3,8% over 2011. Opmerkelijk is dat Eurofer de utiliteits- en woningbouw in Europa een groei in het vooruitzicht stelt van 0,4% (van 2,4% in 2011 naar 2,8%), terwijl juist de bouw een van de sectoren is die – in geheel Europa – het zwaarst door de crisis wordt getroffen.

• bron: Vraag en Aanbod.

Balkstaal duurder per 1 januari 2012

28 november 2011

Drie grotere staalhandelaren – Reesink Staal, Nederlandse Staal Unie en Delta Staal – gaan hun prijzen van balkstaal per 1 januari volgend jaar verhogen met ongeveer 30 Euro per ton. Hiermee volgt het drietal de prijsverhogingen die door verschillende staalfabrieken in Europa zijn aangekondigd vanwege de gestegen productiekosten per 2012. Die hogere productiekosten worden op hun beurt veroorzaakt door gestegen grondstofprijzen (ijzererts en schroot). Dat de schrootprijzen wereldwijd zijn gestegen, speelt vooral balkstaal parten omdat dit staal met relatief veel schroot wordt vervaardigd (elektro-ovenproces).

De prijsstijgingen zijn de eerste na een klein halfjaar van nauwelijks noemenswaardige prijswijzigingen. Begin juli van dit jaar ging de gemiddelde balkstaalprijs voor het laatst omhoog, met ongeveer 15 Euro per ton. De basisprijzen van stafstaal en strip werden toen met ongeveer 15 Euro per ton verlaagd; de overprijzen voor de beide halffabrikaten stegen echter met 30 tot 50 Euro per ton.

Tegenover de aanstaande stijgingen van balkstaal staat dat ODS haar prijzen van warmgewalste (profiel)buizen per heden met 8% heeft verlaagd.

• De actuele bruto prijzen van de verschillende groepen halffabrikaten (balken, staf, strip, plaat, koker, buis, platrail en koudgevormd) vindt u op www.staalprijzen.nl

Kosten stalen draagconstructies ongewijzigd

17 augustus 2011

Zowel de gemiddelde prijs van een staalconstructie als die van een complete draagconstructie (staalskelet mét vloeren en stabiliteitsvoorzieningen) voor een gangbaar utiliteitsgebouw zijn in het tweede kwartaal 2011 niet veranderd. Dat blijkt uit de prijsindexcijfers van Bouwen met Staal per 1 juli. De gemiddelde kosten van stalen halffabrikaten (de 'materiaalprijs') en van de staalconstructie inclusief brandwerende coating zijn marginaal gestegen; de indexcijfers liggen slechts 1 punt hoger dan op 1 april jl.

De prijsindexcijfers zijn ontleend aan de kostenkengetallen van Bouwen met Staal. Deze getallen, eveneens per 1 juli, geven de kostenadviseur in de voorlopige ontwerpfase van een gebouw betrouwbare indicaties van de kosten van een staalconstructie. De kostenkengetallen staan voor de gemiddelde ruwkosten per m2 bvo en zijn opgebouwd uit de gemiddelde kosten van materiaal, fabricage, afwerking, montage en brandwerende verf. De kengetallen zijn bepaald met het Kostenmodel Staalskeletbouw. Dit Excel-programma berekent de staalconstructiekosten op de voornoemde hoofdonderdelen, aan de hand van actuele prijsinformatie van staalhandels- en staalconstructiebedrijven.

De kosten van de draagconstructie bestaan uit de kosten van het staalskelet (incl. brandwerende coating), een betonnen stabiliteitskern en prefab-betonnen vloeren.

De kosten van de staalconstructie omvatten de materiaalkosten en de kosten van het staalbouwbedrijf: fabricage, conservering, afwerking en montage. De constructiedelen zijn al of niet toegerust met een brandwerende verf.

De materiaalkosten zijn de optelling van de kosten van fabricage en levering (door de staalhandel aan de staalbouwer) van stalen halffabrikaten (platen, profielen, buizen en verbindingselementen).

Bleven de gemiddelde materiaalkosten gedurende het tweede kwartaal stabiel, ook de individuele prijzen van staalproducenten en -handelaren fluctueerden nauwelijks. De eerste drie maanden van het jaar gaven nog vrij veel schommelingen te zien: staalfabrieken wijzigden regelmatig hun prijzen, waardoor ook staalhandelsbedrijven hun prijzen soms dienden aan te passen. In de zomervakantie is het traditiegetrouw rustig op het staalprijzenfront. Ná de zomer zijn wel prijsstijgingen te verwachten. Gestegen inkoopprijzen, in combinatie met hogere transportkosten, zullen de staalhandelaar er waarschijnlijk toe bewegen de handelsprijzen te verhogen.

Staalprijzen blijven stabiel

9 juni 2011

Ook in het eerste kwartaal van dit jaar zijn de gemiddelde prijzen van staal en van staalconstructies en draagconstructies van standaard gebouwen ongewijzigd gebleven. De stabiliteit in prijzen zette vorig jaar juli in, na perioden van forse prijsstijging (vanaf april 2009) en een fikse daling (van juli 2008 tot april 2009).

De materiaalprijs is de prijs van stalen halffabrikaten (profielen, buizen, platen en verbindingselementen), zoals de staalhandelsonderneming ze levert aan het staalconstructiebedrijf. In de prijs zijn de kosten van staalproductie en verhandelen opgenomen, alsmede het transport (van staalfabriek naar handel en van handel naar constructiebedrijf).

De materiaalprijs blijkt geen hinder te ondervinden van de lichte prijsverhogingen van sommige staalproducenten, als compensatie van gestegen productiekosten. Die kostenstijging komt deels voort uit hogere prijzen van grondstoffen (ijzererts en kolen). De impact hiervan is echter relatief. In het elektrostaalproces wordt het staal immers vervaardigd uit schroot, met slechts beperkt inzet van primaire grondstoffen. En in de oxystaalfabrieken wordt het grondstoffengebruik ook steeds verder teruggedrongen.

De kostenstijging kan eveneens verband houden met de grotere productie. Cijfers van de Wereld Staal Associatie over de maand april wijzen uit dat de productie in de landen van de Europese Unie gemiddeld met 2,2% is opgevoerd tot in totaal 15,8 miljoen ton. Landen als Frankrijk, Duitsland en Engeland leveren weliswaar enkele procenten in, maar Italië laat een toename van bijna 9% (tot 2,5 miljoen ton) noteren. Nederland haalt zelfs + 34% (tot 591.000 ton).

Uiteindelijk hebben de prijsverhogingen door de basisindustrie geen uitwerking op de materiaalprijs, omdat de staalhandel haar verkoopprijzen iets heeft laten zakken om de vraag te stimuleren.

De kosten van de staalconstructie bestaan uit de materiaalkosten en de kosten van het staalconstructiebedrijf: fabricage/bewerking, conservering, montage/assemblage an afwerking. Ook het transport van constructiewerkplaats naar bouwplaats en de toepassing van een brandwerende coating zijn meegerekend.

De kosten van de draagconstructie zijn de kosten van de complete, brandwerende gecoate staalconstructie met daarbij de kosten van een betonnen stabiliteitskern en prefab-betonnen vloeren, zoals ze in een standaard verdiepinggebouw voorkomen. Het onveranderde prijskaartje maakt duidelijk dat de kosten van het betonnen gedeelte (materiaal, productie en uitvoering) eveneens gelijk zijn gebleven.

• De prijsontwikkelingen zijn ontleend aan de kostengetallen van Bouwen met Staal (prijspeil april 2011).

Download de PDF indexcijfers april 2011.

OESO gematigd positief over vraag naar staal in 2012

26 mei 2011

OESO, de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling, verwacht dat de vraag naar staal in 2011 en 2012 met zo'n 6% toeneemt. De perspectieven voor de staalmarkt zijn positief, maar er blijven risico's die de gunstige marktontwikkeling kunnen verstoren, bijvoorbeeld de verdere stijging van de grondstofprijzen, de hoge olieprijzen en de beperkte economische groei. De schade voor de Japanse staalindustrie valt uiteindelijk minder fors uit dan aanvankelijk aangenomen, constateert OESO. Het herstel van de vraag naar staal zal in het begin nog kwetsbaar zijn, maar op langere termijn zullen de wederopbouwwerkzaamheden naar verwachting toch leiden tot een structurele groei van de vraag.

Gunstige vooruitzichten voor Europese staalsector in 2011 en 2012

27 april 2011

De Europese staalsector kan in 2011 en 2012 positieve impulsen tegemoet zien, zo heeft de Europese staalvereniging Eurofer onlangs becijferd.

Volgens Eurofer stijgt het re ële staalverbruik in Europa dit jaar met 4,4% en volgend jaar nog eens met 4%. Deze voorspelling is gebaseerd op de positieve ontwikkelingen van de afgelopen maanden en de toenemende investeringen door de industrie. Het vertrouwen van de industrie in de Europese economie in het algemeen is, aldus Eurofer, terug op het hoge niveau van augustus 2007. De capaciteitsbenutting neemt toe en onderzoek onder staalproducenten wijst op groei van de investeringen.

Wel zijn de perspectieven per land verschillend. Duitsland maakt de grootste groei door, gevolgd door Noord-Europese landen. De financieel zwakkere staten in Zuid-Europa hebben vermoedelijk te leiden onder afname danwel stopzetting van investeringen vanuit de publieke sector en een gebrek aan cashflow. De export is relatief beperkt, waardoor de zuidelijke landen minder profiteren van de zwakkere Euro.

Een stijging van de vraag naar staal (stalen halffabrikaten) verwacht Eurofer vooral vanuit de machinebouw (7,3% in 2011 en 5,2% in 2012). Nam de vraag vanuit de bouw in 2010 nog af met 2,2%, voor 2011 verwacht Eurofer een toename met 1,6% in 2011 en 2,3% in 2012. Die stijging is weliswaar licht, maar heeft een grote impact. De bouw is en blijft namelijk de grootste afnemer met een aandeel van 27% in het totale staalverbruik.

Indexcijfers per januari 2011: staalprijzen op alle niveaus in evenwicht

3 april 2011

Zowel de materiaalprijs van staal, als de kosten van een staalconstructie en van de totale draagconstructie zijn in het tweede halfjaar van 2010 nagenoeg niet veranderd.

De materiaalprijs is de gemiddelde prijs van stalen halffabrikaten (profielen, buizen, verbindingselementen). Hierin zijn de kosten van de staalproductie verdisconteerd, inclusief grondstoffenwinning en schrootverwerking. In de periode juli 2010–januari 2011 is de materiaalprijs nagenoeg stabiel gebleven. De rust in de prijsontwikkeling volgt na een forse kostendaling (vanaf juli 2008) en een sterke stijging als gevolg van de enorme vraag naar staal vanuit China en India (vanaf oktober 2007). Per januari 2011 (en sinds juli 2010) blijft de prijs op het niveau van april 2007 (basisjaar indexcijfers).

De kosten van de staalconstructie omvatten de kosten van materiaal, fabricage, conservering, montage en afwerking door het staalconstructiebedrijf. De kosten van een brandwerende coating zijn eveneens meegerekend. Ook de staalconstructiekosten zijn in het laatste halfjaar van 2010 vrijwel gelijk gebleven. De voorafgaande prijsstijging en -daling zin minder sterk dan bij de materiaalprijs, omdat prijsbestanddelen als fabricage en montage minder aan schommelingen onderhevig zijn.

De kosten van de draagconstructie zijn de kosten van de staalconstructie met brandwerende coating plus de kosten van de betonnen stabiliteitskern en betonnen (prefab) vloeren, zoals ze in een standaard verdiepinggebouw voorkomen. Ook hier is over het laatste halfjaar 2010 dezelfde trend waarneembaar, als bij de staalconstructie- en de materiaalprijs. Van eerdere prijsstijging en -daling is bij de kosten van de draagconstructie geen sprake. Naast de constructiekosten voor het staal zijn namelijk ook de betonkosten weinig veranderd. Hierdoor worden de pieken en dalen, zoals bij de materiaalprijs, vrijwel volledig afgevlakt.

• De prijsontwikkelingen zijn ontleend aan de kostenkengetallen kantoren-nieuwbouw (prijspeil januari 2011).

Download Indexcijfers januari 2011.pdf

•  Foto boven: Kantoorgebouw Blaak 31, Rotterdam (KCAP).

Kosten staalskeletbouw kantoorgebouwen stabiel

3 november 2009

Bouwen met Staal heeft de actuele ontwikkelingen in de kosten van staalskeletbouw voor nieuwe, standaard kantoorgebouwen in kaart gebracht. Het afgelopen halfjaar zijn de gemiddelde kosten van een staalskelet nagenoeg gelijk gebleven.

Zowel de materiaalprijs als de prijs van de gehele staalconstructie (materiaal, fabricage, afwerking, montage en eventuele brandwerende coating) gingen tussen 1 april en 1 oktober 2009 met slechts 1% omhoog. Ook de prijs van de complete draagconstructie (staalskelet met betonnen kern en -vloeren) bleef vrijwel onveranderd.

De stabiele situatie van de voorbije zes maanden markeert het einde van een forse kostendaling die in juli 2008 inzette. Deze daling volgde op de stijging vanaf oktober 2007, veroorzaakt door een sterk groeiende vraag naar staal in China en India. Sinds 1 april van dit jaar zijn de prijzen weer op het niveau van vóór de stijging, zo'n twee jaar geleden.

De kostenontwikkelingen zijn ontleend aan de kostenkengetallen van Bouwen met Staal voor nieuwbouw van cellen- en groepskantoren.

• Foto boven: Kantoorverzamelgebouw Creative Valley, Utrecht (GENT & MONK architecten).

Kosten staalconstructies gedaald

30 april 2009

De kosten van staalskeletbouw van cellen- en groepskantoren zijn de afgelopen negen maanden aanzienlijk gedaald. Dit blijkt uit een Bouwen met Staal-analyse van de kostenontwikkelingen tussen april 2007 en april 2009.

Per 1 april 2009 zijn de kosten terug op het niveau van twee jaar geleden. De daling van de prijzen begon in juli 2008 en markeerde het einde van een periode (vanaf oktober 2007) van stijgende kosten van stalen halffabrikaten (profielen, buizen, verbindingen). De stijging werd veroorzaakt door de sterk groeiende vraag naar staal in China en India. Toch bleef de kostenstijging van een compleet staalskelet relatief beperkt, omdat fabricage, afwerking en montage nauwelijks duurder werden. Deze drie componenten wegen het zwaarst mee in de totale kosten van het staalskelet.

Ook de kosten van een complete draagconstructie - staalskelet met betonnen vloeren en betonnen kern - zijn gedaald. Deze daling is echter minder sterk, omdat de kosten van het betondeel nagenoeg gelijk bleven.

Bouwen met Staal voerde de kostenanalyse uit, op basis van de kostenkengetallen voor cellen- en groepskantoren.

• Foto boven: Hoofdkantoor ING, Amsterdam (Meijer & Van Schooten Architecten).

Kostenkengetallen

De kostenkengetallen voor staalskeletbouw van groepen- en cellenkantoren zijn aangepast aan het prijspeil januari 2011. Bij het voorlopig ontwerp van deze en overeenkomstige gebouwtypen geven de kostenkengetallen betrouwbare indicaties van de (ruwbouw)kosten van staalskeletbouw. Naar de kostenkengetallen staalskeletbouw.

Kostenmodel

Gratis downloaden van de website van Bouwen met Staal.
Voor direct downloaden met (bestaand) wachtwoord, klik hier.
Nog geen wachtwoord? Klik hier.

De download is een ZIP-file met daarin het calculatiemodel, de bijbehorende database met productie- en prijsgegevens en een instructie voor het koppelen van de database aan het model. Ook de handleiding voor gebruik zit in de ZIP-file. De prijsgegevens in de database zijn per januari 2011.

De recente versie is een volledige vervanging van de oude versie. Na het downloaden kunt u de oude versie uit uw computer verwijderen.

• Foto boven: Kantoorgebouw boven brandweerkazerne De Rode Haan, Delft (Spring Architecten).